Gisteren heb ik een bijzondere dag gehad: een geheel team presenteerde het onderzoeksdeel van hun persoonlijke portfolio. Iedereen sprak over hetgeen zij geleerd hebben van de kinderen, wat dit met henzelf en hun positionering doet. Er zijn grote stappen gemaakt in het onderzoeken en waarnemen:

  • De vernieuwde didactiek, het themagecentreerd werken krijgt in alle groepen vorm, vanuit dát wat de kinderen vragen.
  • Het Kinderportret is fantastisch neergezet, heeft meer dan nieuwsgierig gemaakt en wordt vervolgd
  • Het tekstportfolio kan nu van het kind gaan worden omdat de leerkracht door heeft dat het van de kinderen is, ze heeft handvatten ontvangen.
  • Het intervisiespel voor de bovenbouwleerlingen kan gemaakt worden, hun onderwijsbehoeften komen in beeld
  • Kind-geïnitieerd onderwijs krijgt vorm omdat het kind wordt waargenomen, men durft hieruit volledig consequenties te trekken voor het eigen handelen

De gehele dag door heb ik ervaren hoe het 4D-werk van de afgelopen jaren, inclusief de gehanteerde instrumenten (duurzaam IPB, intervisie, het P-boekje, de DoorKijkWijzer, het jaarplan, bureaublad) in samenhang zijn met elkaar en voor borging zorgen. Een gezamenlijke taal en eigen cultuur is in ontwikkeling, mede door het werken met anekdotes en de systematisch verweven reflectiemomenten.

De wijze waarop met elkaar over onderwijs, kinderen en het eigen functioneren wordt gesproken bevat nieuwe lagen, men is trots, voelt zich eigenaar en samen wordt het onderwijs op een hoger level neergezet. Ik ben deelnemer (geweest) van deze professionele leergemeenschap, een prachtig schoolvoorbeeld.

 

De afgelopen periode heb ik gewerkt aan de vormgeving van de Opleiding tot Spelpedagoog. Woensdag gaan we van start met het eerste schoolteam.Ik heb er heel veel zin in.

In mijn voorbereidingen ben ik herinnerd aan mijn eigen spel en leren. Hoe ik, door te ervaren, door eindeloze tijd te hebben, door te fantaseren een basis heb gelegd voor nu. Spel als voorloper, als ondersteuner, als voedselbron van al dit leren. Omdat samenzijn, samenwerken, handelen, initiatieven nemen, ontdekken en onderzoeken als vanzelfsprekend zijn ingebouwd in deze alledaagse activiteit van kinderen.

Met de Opleiding tot Spelpedagoog gaan we samen ervaren hoe het spel de waardering krijgt die noodzakelijk is. Het spel-katern, geschreven door Caroline Kal, geeft extra input en onderbouwing aan de bijeenkomsten.

De gevallen sneeuw van zaterdag werkte zeer inspirerend: kinderen die enthousiast naar buiten rennen, om van niet-plakkende sneeuw een sneeuwpop te maken die op zijn kop kon staan en Pietje als naam kreeg.

Afgelopen jaar ging de SBO-leerkracht van groep 1-2 het echt doen. Ze startte met een weekbrief voor ouders, met foto's van de kinderen, vergezeld met een stukje tekst. Schuchter, voor zichzelf, met de onderwijsassistent samen. Ik werd helemaal enthousiast en na enig aandringen mocht ik ook meelezen, het was een bijna intiem gebeuren. Mijn reacties waren altijd zeer welkom en werden gewaardeerd. Na enkele maanden durfde ze de nieuwsbrief met collega's te delen, er was voldoende vertrouwen.

Wat deed de nieuwsbrief met ouders? Hun betrokkenheid en interesse groeiden. Het gaf een directe kwaliteitsimpuls, juf kreeg steeds vaker foto's van de kinderen thuis en dankzij de kennis, het weten en het wederzijds begrip ging men vragen stellen aan elkaar. De oudercontactmomenten kregen een meer open karakter. Vanuit gelijkwaardigheid waarbij het kind écht centraal kwam te staan.

Aan het eind van het schooljaar werd besloten: de nieuwsbrief wordt voortgezet. Bij de kleuters, maar ook in de hogere groep. "We kunnen het de kinderen en ouders niet aandoen om zo maar te stoppen". Parallel aan de nieuwbrief zijn het portfolio van de leerkracht én de leerling aan het ontstaan. Waar eindigen we volgend jaar? In het kader van ouderbetrokkenheid, professionalisering en integraal personeelsbeleid?. Ik laat het jullie weten. Mede dankzij ESF-subsidie duurzame inzetbaarheid doen we onderzoek en kunnen we hierover publiceren.

Is duurzame schoolontwikkeling een modetrend? Nee, bij de NOVO-opleiding die ik ruim 20 jaar geleden volgde werd er al over onomkeerbaarheid en de 5e discipline gesproken. Wat ons nu lukt, met enkele scholen,  is een duurzaam levendig IPB implementeren waarbij de gesprekscyslus een kwaliteitsimpuls is die zeer motiverend werkt. Omdat er wordt samen gewerkt. Dit schooljaar gaan we hier op twee scholen, mede dankzij ESF-subsidies, weer een stap verder mee.Door onderzoek en leerkrachtportfolio te implementeren.

Niets nieuws, de kinderen op deze scholen laten deze vorm van samenwerken en leren al lang zien. Hun meesters en juffen zijn hierin nu volop aan het leren. Net als de directie. Er wordt uitgezien naar de functionerings- en beoordelingsgesprekken. Omdat je daar mag tonen waarin jij je hebt onderscheiden, hoe jij een totaalbijdrage levert aan duurzame schoolontwikkeling.

Wanneer ik in een willekeurige school binnen kom, een uur mag rondkijken, voelen hoe het er is, waarnemen hoe er geleerd en gewerkt wordt, waar enthousiasme is, welke sfeer er hangt én hoe de omgang onderling is weet ik heel veel over de kwaliteit van het onderwijs. Iedereen doet dit, min of meer bewust. Ouders, inspecteurs, vertegenwoordigers én kinderen. 

Wanneer je kwaliteit wilt meten en beleid voeren dan heb je eerst antwoord te geven op de waarom en de waartoe vraag. Voor jezelf en als team. Natuurlijk is dat subjectief, maar elk instrument (ook het INK) is subjectief.